Roeiwater Utrecht

Alles over het Utrechtse roeien

Watersportbaan Rijnenburg

Namens o.a. de drie Utrechtse roeiverenigingen streeft de Stichting Watersportbaan Midden-Nederland al ruim 20 jaar naar een roeibaan in de omgeving van Utrecht, dit als aanvulling op het Merwedekanaal waar de roeiers steeds verder worden verdrukt. Uit een eerder
haalbaarheidsonderzoek (in 2004 uitgevoerd door Grontmij) bleek dat Rijnenburg een (bijzonder) geschikte locatie is.

Roeibaan de Willem Alexanderbaan in Zevenhuizen

In polder Rijnenburg zien de roeiverenigingen onder andere deze kansen:

    • Energiewinning en –opslag: door gebruik te maken van temperatuurverschillen in het water kan warmte of koude worden gewonnen, ook kan stroming worden gebruikt om energie te winnen. Daarnaast kan een roeibaan dienen als energieopslag;
    • Waterbuffer: de roeibaan kan worden gebruikt als buffer; om in regenperiodes ‘natte voeten’ te voorkomen en bij schaarste water beschikbaar te hebben. Mogelijk kan de roeibaan onderdeel vormen van de ‘Klimaatbestendige Water Aanvoer’, waarbij in droge tijden water aangevoerd wordt naar het westen van Nederland;
    • Oplossen milieuproblematiek Nedereindse plas: grond die voor de roeibaan wordt afgegraven, kan helpen bij het oplossen van de ‘milieu-uitdaging’ die nog altijd bestaat bij de Nedereindse plas;
    • Geluidswal: de afgegraven grond kan ook worden gebruikt voor het realiseren van een
      geluidswal langs de snelwegen, waarop zonnecollectoren geplaatst kunnen worden;
    • Groen recreatiegebied: de roeibaan kan het hart vormen van een groot recreatiegebied net zoals bijvoorbeeld de Bosbaan in het Amsterdamse Bos;
    • Verrijking ecologische diversiteit: natuurvriendelijke oevers bieden onderdak aan veel verschillende planten en dieren;
    • Andere (groene) sporten faciliteren: een roeibaan kan ook worden benut voor langeafstands(wedstrijd)zwemmers, triathleten, wedstrijdkanoërs, etc.

Voor het roeien is er een waterbak nodig van minimaal 2200 meter lang, liefst 100 meter breed. Gelet op het feit dat de primaire trainingsfaciliteit – het Merwedekanaal in de stad Utrecht – steeds meer onder druk komt te staan, wordt er inmiddels gestreefd naar een roeibaan die veel langer is, liefst meer dan 4,5 kilometer+, met een minimum breedte van 60 meter.

Wat de locatie betreft, zou een baan in Rijnenburg – direct naast en parallel aan – de A-12 de meest logische plek zijn, waarbij (met een flauwe bocht) een verlengend deel kan worden aangelegd langs de A-2. Dat deel kan doorlopen tot en met de Hollandse IJssel en/of de Nedereindse plas. Daarbij kan ook worden gedacht aan twee verschillende bassins, één langs de A-12 waarop wedstrijden gehouden kunnen worden. En één langse A-2 die enkel dient als trainingsfaciliteit. Een waterpeilniveauverschil tussen beide bassins kan worden benut om energie te bufferen.

Het is een goede zaak dat de mogelijkheden van een multifunctionele roeibaan worden meegenomen in een onderzoek naar het energielandschap Rijnenburg. Echter, de roeiers in Utrecht hunkeren ook na 2030 naar een roeibaan, dus willen wij er ook hiermee voor pleiten dat er een specifiek onderzoek wordt gedaan naar de economische en maatschappelijke haalbaarheid van een roeibaan in Rijnenburg, al dan niet in combinatie met huizenbouw. Een andere duurzaamheidsvraagstuk, namelijk de waterhuishouding rondom het Utrechtse, zou daarbij een leidende rol kunnen spelen.